Pieterskerk

Bonifatius verkondigde omstreeks 720 het christelijke geloof in Attingahem aan de Vecht (= Breukelen). Een daar aanwezige Friese godentempel (fanum) werd toen vermoedelijk door hem heringericht en gewijd als christelijk bedehuis. Zoals Bonifatius ook elders deed, wijdde hij dit godshuis aan Sint-Pieter (Petrus). Het gebouw stond toen iets meer naar het westen dan de huidige kerk, waarvan de toren staat op de plek waar in de Karolingische tijd het koor moet hebben gelegen.

Het oudste gebouw zal uit hout opgetrokken zijn geweest. Daarna stonden er achtereenvolgens drie stenen kerkgebouwen. De oudste delen van het huidige stenen gebouw (koor en transept) dateren uit de 15de eeuw en zijn over de fundamenten van de tweede stenen kerk heen gebouwd. De afmetingen van het tegenwoordige kerkgebouw zijn: koor 13 x 8 meter, schip 19,5 x 9,5 meter, dwarsschip 20 x 8 meter, hoogte kruin gewelf 13,5 meter. Lees verder bij de Historische Kring.

De patronaatsrechten berustten bij de gerechtsheer van het Ronde Dorp van Breukelen (later Breukelen-Nijenrodesgerecht), met uitzondering van de 12de - eerste helft 16de eeuw, toen de proost van het Utrechtse Kapittel van Oudmunster dat recht eveneens claimde. Ten westen van de kerk lag een vrijthof.